Oud leden aan het woord

OLAHW: Krishna van Zundert

1024 1024 N.S.V. Nota Bene

Het is enige tijd geleden dat ik praeses was van N.S.V. Nota Bene (1999-2000), maar toen ik werd gevraagd door de praeses h.t. om een bijdrage aan deze rubriek te leveren kwamen talrijke herinneringen naar boven van mijn tijd bij onze vereniging. Het kraamfeest ter gelegenheid van de komst van de eerste dochter van B. Schols, ons jaarlijks squashtoernooi, het 25-jarig jubileum van prof. mr. Van Mourik, LNSC 2001, de studiereizen naar onder andere Edinburgh, Luxemburg, Brussel en Gent, en de vele kantoorbezoeken aan kantoren met toen nog drie of vier achternamen in hun naam. De tijd dat J.S.L.A.W.B. Roes nog student was en een maand later je docent. Maar bovenal de vele gezellige borrels in Trianon of Vivaldi’s en andere gelegenheden waar het aangename boven het nuttige ging.

In de almanak 2000-2001 was er een bijdrage van prof. Mr. M. van Olffen met de titel: De notariële praktijk, waar kies je eigenlijk voor? Ben je een hunter of een farmer.

Een bijdrage die zijn relevantie niet heeft verloren. Het huidige jobhoppen was nog niet gemeengoed, veelal bleef men 40 jaar in dienst bij dezelfde werkgever. Voorzichtig ontstond de trend dat zelfs partners van kantoor switchen. Hoe anders is het nu?

De uitleg over de hunter en farmer was als volgt. De hunter dood het vee waar hij het ziet. Is het tijdelijke “op” dan trekt hij verder en zet aldaar de praktijk voort. De farmer cultiveert een stuk grondgebied en zorgt voor continue toevoer van vee dat hij op verschillende manieren aanwendt.

Aangezien ik tot nu toe bij vijf kantoren heb gezeten lijkt het alsof ik een hunter ben. Bij de eerste drie multidisciplinaire kantoren was dit zo, maar gaandeweg ben ik een farmer geworden. 10 jaar heb ik bij Clifford Chance dat gedaan wat bij een farmer hoort: het voeren van multifunctionele praktijk waarbij het grondgebied en vee jaarlijks op een hoger niveau kwam. En dit heb ik doorgezet bij Het Notarieel, voor het eerst bij een kantoor met enkel notariaat. De conclusie is dat een carrière lastig is te plannen, maar dat je uiteindelijk komt daar waar je wezen moet. Voor mij is dat het zijn van een farmer met nog steeds kenmerken van een hunter terug in zijn provincie.

OLAHW: Christiaan van der Meer

1024 976 N.S.V. Nota Bene

Een doorsnee notarieel student ben ik niet geweest. Toen ik acht jaar geleden aan de rechtenopleiding begon, stond ik net als ieder beginnend rechtenstudent voor de “Nijmeegse keuze”: Rechtsgeleerdheid, Internationaal en Europees recht of toch Notarieel Recht? Europa was waar de keuzes zouden worden gemaakt en dus maakte ik de keuze voor Internationaal en Europees Recht, onwetend als ik toen was.

Tijdens mijn eerste jaar kwam ik er al snel achter dat Internationaal en Europees Recht niets voor mij was: de gedachte dat ik misschien jarenlang bezig zou zijn met lobbyen en het opstellen van wetgeving die er naar alle waarschijnlijkheid nooit door zou komen, zorgde ervoor dat ik zonder twijfel wilde wisselen naar een andere richting in de rechtenopleiding. Gelukkig was (en is) in Nijmegen het eerste jaar hetzelfde voor iedere richting. Meerdere wegen leiden naar Rome.

De keuze voor Notarieel Recht was voor mij rationeel ingegeven: de privaatrechtelijke vakken lagen mij veel beter dan de publiekrechtelijke vakken en daarnaast wilde ik niet een jaar weggooien aan publiekrechtelijke vakken waar ik later toch niks mee zou doen. Een nieuw kandidaatje was geboren.

Tijdens de stage die ik tijdens het schrijven van de masterscripties liep, kwam ik erachter dat meerdere wegen naar Rome leiden, maar dat Rome zelf ook weer naar meerdere wegen leidt. Ondanks dat Notarieel Recht een niche is, zijn er binnen het Notarieel Recht weer veel verschillende richtingen. De enige manier om daar achter te komen is door zelf te gaan kijken.

Maak dus tijd voor een stage, ga naar een kantoorbezoek of spreek eens informeel met een kandidaat. U zult zich verbazen hoeveel verschillende nieuwe wegen u ontdekt…

OLAHW: Freek Schols

1024 720 N.S.V. Nota Bene

Nota bene: Hora ruit, tempus fluit

Wie een beetje Romeins spreekt, heeft voldoende aan de titel. Wie meer in beelden denkt, verwijs ik naar de foto (bestuur 1992 -1993). U weet genoeg. Ik zie vijf Nota Bene-vrienden, waaronder ondergetekende rond 1993. Genodigd door de meneer de Praeses kijk ik kort terug als oud lid van Nota Bene.

Het begon allemaal met de introductie. Op de stoel, voor de algemene ledenvergadering in café Trianon. Ik werd verzocht, gelukkig begeleid door een pianist, om het Limburgse volkslied ten gehore te brengen. Mijn broer Dominique, destijds ook lid van ons illuster genootschap, stond mij al snel bij. En inderdaad: het is een kwestie van geduld ...  

Na de introductie volgden vele mooieverenigingsactiviteiten waarbij ik betrokken mocht zijn. Ik denk onder meer aan de eerste notariële reis(Bologna/Milaan) met een bezoek aan een wedstrijd AC Milan tegen Inter in het San Siro of Giuseppe Meazzastadion en aan een college op de universiteit van Bologna. Iedereen kon mee op reis. Met de bus! De vliegschaamte moest nog ontwikkeld worden. U kunt zich dat niet meer voorstellen: met vreemde valuta en zonder gezinsapp op stap. Met telegrammen moestende ouders of verloofden van de notarissen in spe aan het thuisfront gerustgesteld worden dat de reis ordelijkverliep. Het was klein, fijn en groots. Omdat een bestuurslid onder de wapenen moest – inderdaad de dienstplicht bestond nog – heb ik ad-interim in bestuur Verhaegen (1991/1992) gediend. Daarna mocht ik de rol van praeses op me nemen. Volledig ondergedompeld derhalve na enig Limburgs gezang.

We werden aan alle kanten aangemoedigd door het CNR van destijds, dat onder leiding stond van mijn voorganger en leermeester professor van Mourik. Hij wist al, en ik weet nu uit ervaring, hoe fijn het is dat studenten zich gesteund voelen in hun zeer relevanteextra-curriculaire activiteiten. Vanzelfsprekend, tijden zijn veranderd. De club was kleiner, het eigen vermogen zat letterlijk in een sigarendoosje dat meeging naar Trianon. En als het doosje openging en een rondje namens Nota Bene werd aangekondigd was de quaestorvanzelfsprekend de meest gevierde persoon van declub. In een tijd dat Hoegaarden en Trappist nog over de grens gesmokkeld moest worden, waren de legale prijzen van dien aard dat de quaestor toch niet te benijden was. Vandaag de dag werkt het bestuur met een enorme begroting, drinkt en feest men nagenoeg gratis. Niet dat we toen niet aan het eigen vermogen werkten. Maar we moesten ons wel afvragen of het versturen van acceptgirokaarten per post naar potentiele sponsoren niet meer kosten met zich zou brengen dan het zou opleveren. Een begin van eensponsorprogramma was echter gemaakt.

En de woensdag stond nog bekend als de pakkendag. Niet alleen keurig gekleed naar de borrel (die overigens,zoals het hoort, aansluitend op de colleges plaatsvond)maar ook in stijl naar college.

Ik blader terug in de allereerste Nota Bene Almanak (verenigingsjaar 1992 -1993), lees de verhalen en bekijk de foto’s. Nota Bene was voor mij een warm bad. Ik heb gelukkig niet meteen na mijn afstuderen afscheid hoeven nemen van Nota Bene maar mocht een beetje blijven rondhangen. Inmiddels al meer dan 25 jaar …

Freek Schols

OLAHW: André van Hoepen

768 1024 N.S.V. Nota Bene

Op de warme avond van 1 september 2010 keek ik op de eerste verdieping van café Vivaldi aan de Waalkade (jawel, het café bestaat nog steeds) hoe de zon langzaam in de Waal zakte. Al staande op dat kleine balkon hoorde ik op de achtergrond het geroezemoes, dat verstomde door het bekende gebulder van de pedel. Op die avond zou het 50ebestuur der N.S.V. Nota Bene gewisseld worden voor, logischerwijs, het 51ebestuur. Als praeses had ik de eer en het genoegen om in dat 51ebestuursjaar aan het roer te staan van onze vereniging.

In dat jaar heb ik enorm veel geleerd. Speeches schrijven, deadlines halen en deze soms proberen te verzetten (via deze weg nogmaals excuses aan de oud-assessoren Eri Saito en Bas van Dijk), omgaan met weerstand, kritische leden in beweging krijgen, verantwoordelijkheid nemen en gezamenlijk plannen bedenken en uitvoeren. Dat ik nog zeer regelmatig mijn oud-bestuursgenoten tref, bewijst denk ik dat het bestuursjaar een band schept.

Ook buiten het bestuursjaar 2010-2011 gebeurden er veel zaken die het vermelden waard zijn. De landelijke feesten, het geweldige idee van enkele oud-leden en ondergetekende om na een landelijk feest de binnenstad van Amsterdam in te trekken. De Nota Bene das, het besmette woord “gezellig”. Een landelijk hockeytoernooi in Groningen, het LNSC in Nijmegen en de goede band met leden van het Centrum voor Notarieel Recht. Mijns inziens was, en is, het uniek wat zich in en rond Nota Bene afspeelt. Ieder lid van Nota Bene bouwt mee aan de verdere ontwikkeling van de vereniging en men zoekt elkaar ook op buiten activiteiten. Ik hoop van harte dat dit de komende jaren zo zal blijven.

Na mijn studentenjaren in Nijmegen (notarieel recht gecombineerd met een fiscale master) ben ik vandaag de dag werkzaam in de mooie praktijk van PwC Legal. Geen notariskantoor, maar een adviespraktijk in de sector van familiebedrijven. Een omgeving waar civiel en fiscaal (notarieel) recht hand in hand gaan. Naast mijn werkzame leven bij een ‘big four’ speler, ben ik ook druk in de weer met het schrijven van een proefschrift.

Nota Bene heeft mij veel gebracht, zoiets realiseer je jezelf veelal als iets voorbij is, dat geef ik grif toe. Zoals gezegd een stroom aan mooie herinneringen waarbij vriendschappen zijn gesloten voor het leven. Zoals u allen weet: een beetje genot is ook genot. Maar één tip: maximaliseer dat genot! Nota Bene was onmiskenbaar onderdeel van die geweldige tijd!

André van Hoepen

OLAHW: Frank Hoens

700 700 N.S.V. Nota Bene

Of ik een bijdrage wilde leveren aan de rubriek ‘Oude Leden Aan Het Woord’, zo verzocht de praeses per mail. Overmand door inmiddels niet zo jeugdig enthousiasme zei ik uiteraard ja. Alleen bedacht ik pas later dat ik had toegezegd te schrijven voor een mij onbekende rubriek. Wat is dat voor iets ‘OLAHW’, wie hebben daar zoal tot nu toe een bijdrage aan geleverd. Een bezoekje aan de website leerde dat menig oud-lid inmiddels zijn of haar steentje had bijgedragen. Ik zag dat vriend Bernard had bericht over 30-jaar oude notariële vriendschappen en dat zijn broer, vriend Dominique, de collegegang had beschreven. Ook de andere bijdragen aan OLAHW bevatten vlammende betogen over het bloeiende en boeiende notariële studentenleven. Ook ik heb daar deel van uitgemaakt, want hoewel ik geen idee heb wanneer het precies is gebeurd (ik vermoed tegen het einde van het tijdperk Luijten), ben ik uiteraard tijdens mijn studie lid geworden van Nota Bene. Ik schrijf overigens niet voor niets ‘uiteraard’, want in die tijd werden alle notariële studenten lid. Een exercitie die toen niet meer inspanning vergde dan het enkel zeggen tijdens een borrel dat je lid wilde worden. En hoewel het bijwonen van colleges – laat ik het voorzichtig zeggen – niet echt mijn ding was, gold dat niet voor het bezoek aan de woensdagmiddagborrel. Uiteraard was de ‘lokroep’ van een biertje daar mede debet aan, maar minstens zo belangrijk was de informele en laagdrempelige wijze waarop onder de bezielende leiding van de vers aangetreden Van Mourik staf en studenten (daar) met elkaar in ‘conclaaf’ gingen. Vergis ik mij als ik meen dat het Nijmeegse notariële studentenleven zich daarmee onderscheidt van – pak ‘m beet – diens Leidse evenknie? Ik sta thans weliswaar aan de andere kant, maar ik heb de indruk dat dit laatste anno 2019 niet fundamenteel anders is. Dat geldt overigens niet voor de activiteiten van Nota Bene. Van een relatief bedeesd clubje wier bezigheden bij wijze van spreken waren beperkt tot de incidentele woensdagmiddagborrel en een bezoekje aan het landelijk congres, heeft Nota Bene zich ontwikkeld tot een bloeiende vereniging met een qua omvang en diversiteit indrukkend scala aan activiteiten waarbij het nuttige en het aangename hand in hand gaan. Het is daarom zo opmerkelijk om te constateren dat anders dan in de ‘oertijd’ nu niet iedereen die in Nijmegen notarieel recht studeert, lid wordt van de vereniging. Over de precieze oorzaak daarvan kan slechts worden gespeculeerd. Komt het wellicht door het almaar toenemend aantal studenten dat (nog) bij de ouders woont, het inmiddels wat verzwaarde ‘kennismakingsritueel’ of is er een andere reden? Ook het antwoord op de vraag of het een slechte zaak is dat niet iedereen meer lid is, hangt uiteraard van ieders eigen perspectief af. Duidelijk is wel dat iedereen die de bijdragen aan deze rubriek leest, er van overtuigd raakt dat het lidmaatschap van Nota Bene kansen en ervaringen biedt waar je een leven lang op kan (en moet) teren. En dan is het toch eigenaardig dat niet (nagenoeg) iedereen lid wordt/is.

 

Frank Hoens

OLAHW: Eri Saito

768 1024 N.S.V. Nota Bene

De eerste kennismaking met Nota Bene was in september 2007 en ja dat is dus, inderdaad, inmiddels alweer meer dan 10 jaar geleden…Jong en onbezonnen werd ik, omdat mijn mentormama’s en

-papa’s ook lid waren, lid van Nota Bene. Wat was dat een goede keuze! Want wat heb ik een aantal mooie jaren beleefd bij onze vereniging.

Zo heb ik in 2010 het Xe lustrum mogen organiseren en in 2012 het landelijk hockeytoernooi, met voor het eerst een thema. Dat was een geslaagd idee blijkt, want jaren later heeft het hockeytoernooi nog steeds een thema.

In 2010-2011 mocht ik plaatsnemen in het bestuur en dat jaar was een van mijn hoogtepunten uit mijn studententijd. Iedere maandag rond de klok van twaalf zaten wij met z’n allen in de bestuurskamer, toen nog aan de Thomas van Aquinostraat 6. Tot op de dag van vandaag heb ik profijt van de levenslessen die ik toen heb geleerd en ben ik dankbaar voor de vriendschappen die ik toen heb opgedaan.

Een ander hoogtepunt uit mijn studententijd is het LNSC van 2013 in Nijmegen. Samen met onder andere twee oud-bestuursgenoten van Nota Bene heb ik het landelijk congres mogen organiseren in de Sint Stevenskerk. Dit jaar is het aan onze opvolgers en zij gaan er ongetwijfeld een mooie dag van maken.

Naast vele uren gezelligheid, diverse vriendschappen en wijze levenslessen heeft Nota Bene mij ook een kijkje gegeven in de notariële wereld. Door diverse kantoorbezoeken en een stage wist ik dat ik na mijn studie aan de slag wilde gaan op een notariskantoor.

Sinds september 2013 ben ik werkzaam als kandidaat-notaris bij VDB Notarissen. Ik ben begonnen op zowel de sectie ondernemingsrecht als familierecht maar ik kwam er al gauw achter dat ik toch echt een Nijmeegse opleiding heb genoten. Inmiddels houd ik mij, met veel plezier, volledig bezig met estate planning/de familierechtpraktijk.

Het advies dat ik meekreeg toen ik ging studeren waarvan ik altijd dacht, ja dat zal wel, is echt waar en kan ik als werkende alleen maar beamen. Geniet van je tijd bij Nota Bene want hoe cliché het ook klinkt, de studententijd is echt de mooiste tijd van je leven!

OLAHW: Bernard Schols

1024 683 N.S.V. Nota Bene

Het notariële studentenglas is nog steeds vol

Na zo’n heerlijke dag als afgelopen donderdag in het concertgebouw de ´Vereeniging´ is het desgevraagd niet moeilijk om terug te blikken op de notariële oudheid. En dan heb ik het over de tijd waarin ik zelf als notarieel student op een Landelijk Notarieel Studentencongres de bloemetjes mocht buitenzetten. Op dit populaire congres zijn fictie en werkelijkheid nog steeds één. De deelnemer wordt niet alleen geacht veel bier te drinken, er wordt ook daadwerkelijk veel goudgeel vocht geconsumeerd. Waarom zou de notariële student ook ´genotsvoorkomend´ bezig zijn. De tijden zijn wat dat betreft in ieder geval niet veranderd. We schrijven halverwege de jaren tachtig en het betreft een om vele redenen memorabele avond in Amsterdam. Op (en na) deze bijzondere feestavond ontstond een notariële vriendschap die na meer dan dertig notariële studiejaren nog steeds bestaat. Toen was het dit Amsterdamse notariële bacchanaal (en de informele bourgondische vereniging ‘het rustende paard’) dat deze ´mysterious three´ verenigde, nu is het de bevordering van de notariële wetenschap. Het een sluit het ander overigens niet uit. Nog steeds hebben wij drie een bijzondere band, zij het thans niet alleen via het ‘LNSC-bier’, maar ook door het notariële docent- en hoogleraarschap. We krijgen de notariële studie nu ook van de andere kant te zien. We hoeven de studie gelukkig zelf niet meer te ondergaan. Het Nota Bene van toen is overigens niet meer te vergelijken met het Nota Bene van nu. Het was, behoudens de natte oftewel de alcoholische LNSC-bezoekjes, een heel braaf clubje, waarvan ik nog ooit, op een blauwe maandag, quaestor ben geweest. Studiereizen naar andere werelddelen bestonden nog niet, en het geld daarvoor ook niet. Notarissen hadden ook nog geen happy socks, maar een grijs (mantel)pak. In ‘onze tijd’ was er ook nog geen fiscale master inhouse, zodat wij met alle notariële nerds op dinsdag richting Tilburg, een soort van fiscale efteling, togen. Een reisje waar nooit iemand spijt van heeft gehad en al helemaal niet degenen die hierdoor hoogleraar notarieel belastingrecht zijn geworden. Nadat ik in Tilburg klaar was, kon ik pas aan mijn echte notariële roeping gehoor geven: promoveren. Het heeft even geduurd, maar de sterren van de executeur stralen aan de horizon. De Nijmeegse notariële studie in de ruimste zin des woords heeft mij heel veel gebracht, en… op het ‘Groot langstlevendenbal’ in 1996, zelfs een echtgenote. De ooievaar deed met de aflevering van drie lieve kindertjes de rest. Ik ben niet alleen een gelukkig, maar vooral ook een dankbaar man. Aan de vooravond van het boekenbal denk ik dan ook graag terug aan dat prachtige Nijmeegse Groot Langstlevendenbal. U weet nu waarom. Over boeken- en langstlevendenballen gesproken…Een mooier notarieel erfrechtelijk thema dan het thema van de komende boekenweek bestaat echt niet: de moeder, de vrouw!

 

Bernard Schols, Nijmegen, maart 2019

OLAHW: Maarten van den Dungen

960 720 N.S.V. Nota Bene

Enkele weken geleden ontving ik het verzoek om een bijdrage te leveren aan deze rubriek.
Op dat moment was ik toevallig op wintersport met enkele andere oud-leden. Mannen die ik heb leren kennen tijdens een van de vele activiteiten georganiseerd door onze prachtige vereniging of één van haar zusterverenigingen.

Zelf ben ik in 2008 begonnen met de studie notarieel recht en meteen lid geworden van N.S.V. Nota Bene. Uiteindelijk afgestudeerd met de master Notarieel en Fiscaal Recht en inmiddels al drie en een half jaar werkzaam als kandidaat-notaris Onroerend Goed (en sinds kort ook Ondernemingsrecht) bij Pigmans Ras Janssen Notarissen in Eindhoven, welk kantoor is aangesloten bij de NICO-kantoren.

In 2008 vonden de ALV’s nog plaats in café Vivaldi aan de Waalkade en de eerste ALV zal ik ook nooit meer vergeten, aangezien we midden in de nacht nog niet klaar waren. Hier is de basis gelegd voor mijn studietijd, waarin Nota Bene de rode draad was (en de tijdstippen ook vaak na middernacht lagen). Enkele jaren later mocht ik plaatsnemen in het 52bestuur als Assessor met als hoogtepunt het geweldige LNSH in Nijmegen en de studiereis naar Rome. Een jaar waarin ik erg veel geleerd heb.

Tijdens mijn tijd bij Nota Bene heb ik vooral veel mensen leren kennen. Niet alleen in Nijmegen, maar ook ver daarbuiten. Dat wij met enkele oud-leden op vakantie gaan had ik al aangehaald, maar ook hier in Nederland kom ik nog veel oud-leden tegen. Ook van onze zusterverenigingen.

Wat ik aan u wil meegeven is dat deze relaties/vriendschappen mij iedere dag nog enorm veel plezier opleveren. Of ik op vakantie ben, op mijn werk, op een evenement of op een congres van de KNB. Overal kom ik mensen tegen die mijn studietijd en daarmee mijzelf als persoon hebben gevormd.

Ik wens u allen succes met het verloop van uw studie en vergeet niet het nuttige met het aangename te combineren, zoals professor Schols het zo mooi kan zeggen.

OLAHW: Carlijn Ummels

682 1024 N.S.V. Nota Bene

Op 10 augustus 2013 kreeg ik van mijn mentormama een mailtje waarin ze vroeg of ik al een slaapplek had geregeld, mijn sportkleren had ingepakt en zin had in de introductieweek. Waarop ik, als aankomend student en kersverse Nijmeegse inwoonster, reageerde: ‘ik heb al heel veel zin in de introductie. Tot dan! Groetjes Carlijn’. Niet wetend wat me te wachten stond, begon ik aan mijn studententijd, waarvan N.S.V. Nota Bene een groot onderdeel zou worden.

Tijdens het openingscollege, een traditie van N.S.V. Nota Bene in samenwerking met het CNR, sprak prof. F. Schols over het belang van de ontwikkeling als student buiten de boeken, colleges en behalen van de tentamens om. Of zoals prof. F. Schols, als ik het me goed herinner, verwoordde, is een (beginnend) student: ‘een rups in een cocon die zich nog moet ontpoppen tot vlinder’. Het ‘belang’ van, wat ik maar even definieer als ‘buitenschoolse activiteiten’, werd meteen door mij en mijn mede-eerstejaars in de praktijk toegepast: de dag erna miste ik bijna mijn eerste werkgroep van het vak Inleiding tot de Rechtswetenschap door de weinige uurtjes slaap. Dat het niet de laatste late woensdagavond zou worden en ik voortaan moest zorgen dat ik niet op donderdagochtend om kwart voor negen college had, was mij duidelijk. De eerste Algemene Ledenvergadering van N.S.V. Nota Bene, die traditiegetrouw tot de late (vroege) uurtjes doorgaat, bevestigde dit nogmaals. Sinds die Algemene Ledenvergadering heb ik weinig borrels, (landelijke) activiteiten of kantoorbezoeken gemist en mocht ik zelfs plaatsnemen in het 56ebestuur: een jaar waar ik met heel veel plezier en (een beetje) heimwee op terug kijk.

N.S.V. Nota Bene heeft een hoop te bieden. Naast de vele borrels, studiereizen en landelijke feesten, waarbij je niet alleen studenten uit je eigen jaar, maar ook de (inmiddels zeldzamere) langstudeerders en studenten uit andere steden leert kennen, biedt N.S.V. Nota Bene je ook de kans om je te oriënteren op de arbeidsmarkt. Door middel van kantoorbezoeken, het landelijk congres en het jaarlijkse symposium kom je in aanraking met potentiële werkgevers. Het is aan te raden om je al tijdens je studie bezig te houden met je (notariële) toekomst en verder te kijken dan het papiertje dat je de titel ‘meester in de rechten’ bezorgt. Dankzij N.S.V. Nota Bene heb ik niet alleen vrienden en herinneringen voor het leven gemaakt, maar heb ik mij ook kunnen voorbereiden op het leven na mijn studententijd. Sinds augustus 2018 ben ik werkzaam als kandidaat-notaris bij VHN Notarissen in Heerlen (back to the roots) en Maastricht. Hoewel ik iedere dag nog meer dan genoeg nieuwe dingen leer (en dat de komende tijd ook nog wel even blijf doen), heeft mijn ervaring bij N.S.V. Nota Bene voor een goede basis gezorgd.

Kortom, zoals de originele tekst van ons verenigingslied luidt: ‘Nota Bene zal je leren hoe je beter leven kan’ (dit neemt trouwens niet weg dat Nota Bene je ook leert hoe je beter zuipen kan).

 

Met notariële groet,

 

Carlijn Ummels

OLAHW: Hung Nguyen

1024 768 N.S.V. Nota Bene

Voor notarissen en kandidaat-notarissen is december traditiegetrouw een drukke maand. Het is dan ook niet verwonderlijk dat voor deze maand een niet (kandidaat)-notaris aan het woord is. Uiteraard heb ik als ambtenaar bij de Belastingdienst genoeg tijd (lees: tijd over) om een stukje te schrijven voor onze mooie vereniging.

December is daarnaast ook een maand van terugblikken. Een maand met mooie tradities, zoals Sinterklaas, borrels, (veel) eten, cadeautjes en samen zijn met familie en vrienden. Kortom, december is altijd weer een ‘gezellige’ maand. En dit is ook precies hoe ik terugkijk op mijn tijd bij Nota Bene. Ik beschouw Nota Bene als een hechte en warme familie, die ook vol staat van de tradities. Denk aan het onlangs in opspraak geraakte Sinterklaascollege, de maandelijkse borrels, het speculeren wie volgend jaar ‘bestuur’ wordt, het eindfeest en de eindeloze ALV-avonden.

Als lid van onze vereniging zult u dit allemaal (gaan) meemaken. Wat dat betreft heeft iedereen een stem bij Nota Bene. Niet alleen komt dat tot uiting tijdens de karaokeborrels die de N.S.V. sinds dit jaar organiseert, en waar ik met veel jaloezie naar kijk, maar vooral tijdens de ALV-avonden. Tijdens de ALV komt de passie voor de vereniging het best naar boven drijven en lijkt het alsof iedereen een geel hesje draagt. Een kritische blik van de leden is van belang om de vereniging draaiende te houden. Onze minister-president zou zeggen dat ‘De N.S.V. vergeleken kan worden met een vaasje, dat door de leden wordt vastgehouden’.

Ook na mijn afstuderen afgelopen augustus heb ik kortstondig een geel hesje gedragen. Niet zozeer omdat ik protesteerde tegen de hoge brandstofaccijnzen, zwarte piet en het zorgstelstel, maar eigenlijk omdat ik gewoon bezig was met mijn verhuizing naar Arnhem. Sinds 1 oktober jl. werk ik als fiscalist omzetbelasting bij de Belastingdienst en woon ik op 10 minuten fietsafstand van kantoor. Het is voor mij de ideale stap geweest na een geslaagde studententijd. Het geeft aan dat het niet vanzelfsprekend is om de stap naar het notariaat te maken na het afronden van de studie Notarieel recht. Het is belangrijk om gedurende de studie te ontdekken waar je passie ligt.

Via deze weg wil ik u allen alvast fijne feestdagen en een gelukkig en gezond 2019 wensen. In het bijzonder wens ik alle studerende leden veel sterkte en succes toe tijdens de aankomende tentamenperiode. Ook dat is helaas een traditie. Geniet van de mooie activiteiten die Nota Bene te bieden heeft.

Hartelijke groet,

Hung Nguyen

  • 1
  • 2